In deze bijzondere tijd van online lessen plaatsen we ditmaal een interview met twee leerlingen uit klas 4 vwo. Hoe ervaren zij de online lesperiode? Welke tips zouden ze aan docenten willen geven? Aansluitend een reactie van de zorg coördinator van het Ichthus College, Jan Willem Samsom. Wat ziet de zorg op dit moment? Hoe gaat het met de leerlingen?

Willen jullie jezelf even voorstellen?

Sarah: Ik ben Sarah van Beek, 15 jaar en ik zit in 4 gymnasium.

Mattanja: Ik ben Mattanja de Ruijter, 16 jaar en ik zit in 4 vwo.

Hoe is jullie thuissituatie?

Sarah: Bij ons thuis is het best druk. Ik heb nog 4 zusjes, mijn vader werkt in de zorg en is meestal weg. Mijn moeder is helemaal thuis. Ik heb wel een eigen kamer.

Mattanja: Ik heb een broertje en zusje die ook op het voortgezet zitten en een broertje op de  basisschool. Mijn vader geeft ook les. Hij werkt gedeeltelijk thuis en soms moet hij weg. We hebben wel veel ruimte.

Hoe ervaren jullie de online lesperiode?

Sarah: Ik zag er tegenop, was bang om mijn motivatie te verliezen, niet elke keer al het huiswerk te maken maar het valt mee.

Mattanja: In de derde had ik best problemen met motivatie en concentratie, ik wist niet hoe ik het moest plannen. Nu gaat t wel beter. Eigenlijk valt het best wel mee.

Wat werkt goed voor jullie?

Sarah: Als docenten leerwerk opgeven en dat in de les met een digitaal toetsje overhoren. Of als je via de chat aan je docent moet laten weten hoe je het gemaakt heb.

Mattanja: Het is fijn als een leraar elke keer een beetje verschillende dingen doet. Bijvoorbeeld een quiz, vragen stellen, je mag zelf vragen stellen. Wat niet werkt is als ze lessen geven zoals ze normaal geven. Dan verlies je snel concentratie want je hebt meer afleiding. Een lang verhaal werkt niet. Leuker als ze zeggen: ga even dit doen, of even in een breakout room en en daarna bespreken. Pas hadden we bij Natuurkunde een vaardigheden test op een leuke manier, via een soort quiz. Ook als je t niet weet, gok maar. Dat motiveert!

Wat vinden jullie echt niet leuk?

Sarah: We missen de gezelligheid op school, geen gym en geen BSM. Dat mis je. Wel lekker om iets later op te staan. En soms is het thuis druk, of is iedereen chagrijnig. Maar soms gaat het ook goed. Soms voelt het alsof je vakantie hebt en toch iets voor school moet doen Het is taai om huiswerk ’s middags te maken. Fijn als leraren zoveel mogelijk in de les doen.

Mattanja: Ik mis mensen om me heen. Ik zit de hele dag op m’n kamer. Aan het eind van de dag geen zin om met school bezig te zijn. Leraren geven nu juist extra dingen op. Dat is niet fijn.

Wat is jullie belangrijkste tip voor docenten?

Sarah: Probeer toch huiswerk te overhoren. Bijvoorbeeld via zo’n Nearpod quizje. Dat motiveert om te leren!!

Mattanja: Variatie!! Het is fijn te merken als leraren hun best doen voor leerlingen! En de camera aan werkt goed!

Reactie van de zorgcoördinator, Jan Willem Samsom.

Wat wij op dit moment zien is dat er best veel leerlingen lijken te zijn die het zwaar hebben. Gebrek aan perspectief is vervelend. Wanneer houdt het op? Het niet hebben van contacten met klasgenoten doet veel met leerlingen.

Ook zijn er meer spanningen thuis, broertjes die elkaar in de haren zitten. Je zoekt dan samen met ouders naar oplossingen. Laat bijvoorbeeld de leerlingen twee dagen op school komen. Dat kan heel erg helpen. Zowel voor ouders als voor leerlingen. De leerlingen zijn er even uit en de ouders hebben even rust. Vanuit het zorgteam willen we elke vraag serieus beantwoorden.

Op dit moment krijgen we als zorgteam verschillende mailtjes per dag van mentoren en ouders dat het niet goed gaat, hun kind trekt zich terug, ouders hebben geen contact meer. Soms doen hun kinderen heftige uitspraken, of krassen ze zichzelf maar dat zijn wel extremen.

Het welbevinden van leerlingen gaat achteruit. Er is ook duidelijk een verschil tussen bovenbouw en onderbouw. Voor de onderbouw leerlingen is het lastiger. Bovenbouw leerlingen wennen eraan en worden nog wel gemotiveerd door hun toetsen.

Vanuit de zorg hebben we altijd al contact met leerlingen die problemen hebben. Daar is nu wekelijks contact mee, zowel met leerlingen als met ouders. Maar er komt nu een nieuwe categorie leerlingen boven drijven, niet perse zorgleerlingen maar leerlingen die het moeilijk hebben alleen, die de contacten missen.

Bij die gewone leerlingen hebben de mentoren een hele belangrijke rol. Essentieel om rechtstreeks contact te hebben met leerlingen. In een appgroep zetten en vragen “jongens, gaat het allemaal” dat heeft geen zin. Bel ze op. Vraag hoe het gaat en heb persoonlijk contact!

Nodig ook de ouders uit om contact op te nemen met de mentor als ze het idee hebben dat het niet goed gaat met hun kind!