Wat bent u vooral: vakidioot, vakdidacticus of pedagoog?

Vakidioot. Ik schrijf bijvoorbeeld al mijn methoden zelf, in de vakanties en … vind dat nog leuk ook!

Welk element typeert al uw lessen?

Het socratische gesprek afgewisseld met een monoloog om de eindjes aan elkaar te knopen en nieuwe vergezichten te ontrollen voor mijn medemensen. Elke les een powerpoint en mogelijk een filmpje wat aansluit bij de problematiek.

U bent voor één dag onderwijsminister. Wat wilt u voorgoed vastleggen en wat voorgoed schrappen?

Vastleggen? De vrijheid van onderwijs. Waarom? Omdat religies in de samenleving van onschatbare waarde zijn. De kerken geven normen en waarden door. De kerken doen aan zingeving. Confessionele scholenbestaan bij de gratie van de vrijheid van onderwijs. Een groot goed, verdediging, behouden. Hoe? Door gewoon steengoed les te geven en veel te bidden om een regen van zegen over het werk onzer handen. Wij zijn maar onnutte dienstknechten, we staan eerder in de weg bij de leerlingen die zoekende zijn dan we denken.

Schrappen? Het eindeloos veranderen van beleid. Nu gaat het passend onderwijs mogelijk weer op de helling. Dat zagen we 6 jaar geleden al aankomen, maar eindelijk dringt het door in de hogere lagen van bestuur. Beleidsmakers mogen best creatief zijn en voor de troepen uitlopen, maar eer ze plannen smeden en die in wijze wetten gieten is het verstandig om signalen uit het werkveld serieus te luisteren en proefballonnen in het luchtledige te laten verdwijnen.

Nu u toch bezig bent: welke waardevolle ervaring of tip zou u graag willen delen?

Ik heb gemerkt dat lastige standpunten waar leerlingen al een mening over hebben, beter binnenkomen als ik gelijk met een bijbelse stellingname begin die via stellingen besproken wordt, in plaats van met ‘de ketterij’. Dan raken ze daarvoor opgewarmd en gaan ze mij met argumenten bestoken. Dat is geen probleem, maar het onderwijsdoel schiet ik dan voorbij. Ik wil elke les met een duidelijke conclusie afsluiten die we samen gevonden hebben.

U hebt een onderwijscarrière, maar mag helemaal opnieuw beginnen. Wat zou u heel anders aanpakken?

Dan zou ik vanaf het begin een coach willen hebben die helpt om overzicht over het werkveld te krijgen. Nu werd ik in het diepe gegooid, zonder onderwijservaring zo van de universiteit naar pubers … oef, dat was wel aanpassen.

U werkt op een christelijk school. Wat onderscheidt uw vaklessen van diezelfde lessen op een niet-christelijke school?

In mijn klassen is ruime aandacht voor de vragen rondom ‘de toe-eigening van het heil’ en voor de ernst van het leven (we staan straks voor Gods rechterstoel). Ik vermoed dat op een openbare school ik meer bezig zal zijn met zingeving, ervaringen rondom gebrokenheid, religieus gevoel, duiding van het politiek leven aan de hand van je levensovertuiging, het interculturele gesprek. Allemaal waardevol, ik probeer wat mee te nemen via uitwisseling met andere scholen, maar de monocultuur geeft ook een bepaalde rust en basaal vertrouwen in wat waar is bij de leerlingen.

De leerlingen verlaten uw lessen en school. Wat hoopt u dat ze zich daarover over 25 herinneren?

Dat het in de les gezellig, ontspannen en bovenal zinvol was. Eerst de relatie, dan de prestatie.

Welke inspirerende spreuk wilt u meegeven aan de lezers van de I&K-Nieuwsbrief?

“Zonder de voortdurende uitdaging van de vreemdeling lopen we de kans dat we het Evangelie zo domesticeren, dat we kracht ervan verliezen” (St. Hauerwas, rk toptheoloog)

“Een leven in Godzaligheid strekt direct tot ons tijdelijk, ons geestelijk en ons eeuwig voordeel”. (M.Meade, een puritein uit de 16e eeuw)


Drs. J.J. Grandia is docent Godsdienst en FIlosofie op Gomarus, Gorinchem. Hij heeft 30 jaar leservaring.